Een back-upstrategie begint niet bij een merk NAS of softwarepakket. Eerst moet duidelijk zijn welke gegevens beschermd moeten worden, hoe snel ze veranderen en hoe lang uitval aanvaardbaar is.
Daarna kies je lagen en test je herstel. De test is essentieel: pas bij terugzetten ontdek je ontbrekende databases, wachtwoorden, symlinks, rechten of sleutels.
Back-ups bevatten vaak juist de gevoeligste informatie. Toegang en encryptie horen daarom bij hetzelfde ontwerp.
Niet alleen documenten. Denk aan e-mailarchieven, websitebestanden en database, boekhouding, configuraties, exports, foto’s, certificaten en gegevens op telefoons of NAS. Maak eerst een inventaris per systeem.
Baseer dat op hoeveel werk je kunt missen. Gegevens die dagelijks veranderen vragen een andere frequentie dan een fotoarchief dat één keer per maand wordt aangevuld. Houd ook rekening met bewaartermijnen en versiegeschiedenis.
Zorg dat niet alle back-ups permanent met dezelfde schrijfrechten bereikbaar zijn. Offline, immutable of gescheiden opslag kan helpen. Test ook of herstelaccounts en sleutels niet alleen op het besmette systeem staan.
Kies een representatieve set bestanden en minstens af en toe een volledige toepassing. Zet terug naar een aparte locatie, controleer inhoud en rechten en documenteer welke stappen nodig zijn. Pas daarna weet je of de procedure bruikbaar is.
Praktisch testen kan bij Digitaal.